Afgelopen donderdag en vrijdag hoorde ik veel over de Alpe d’Hu6 op de radio. Een mooi evenement, met stoere deelnemers voor een goed doel: de strijd tegen kanker. Het doet mij met plezier terugdenken aan mijn deelname aan de Roparun drie weken geleden.

De Roparun is een estafetteloop van twee keer vier lopers per team. Vroeger liepen de teams van Rotterdam naar Parijs, vandaar de naam Ro-Pa-Run. Tegenwoordig gaat de Roparun vanwege het enthousiaste klimaat in Rotterdam van Parijs naar Rotterdam, en sinds twee jaar ook van Hamburg naar Rotterdam. Het was dit jaar mijn eerste deelname, maar hopelijk niet de laatste. Wat een fantastisch evenement is de Roparun!


Groepsfoto team 113 Wings for Life, Koninklijke Luchtmacht.

Hardlopen is al jarenlang mijn fanatieke hobby en ik houd wel van een uitdaging. Helaas heb ook ik mensen in mijn omgeving verloren aan kanker, of mensen die er onder lijden. Dus heb ik dit jaar mijn best gedaan om mee te kunnen doen. Nu werk ik bij de Koninklijke Luchtmacht en dat heeft een eigen team: Wings for Life (team 113). Dit jaar bleek er plaats voor mij en een vriendin. Helaas moest zij door een zware longontsteking afhaken. Later viel nog iemand uit, waardoor er ook nog plaats was voor een vriend van de Marine. Zo werd het toch nog een beetje een ‘paars’ team, zoals we dat binnen de Krijgsmacht noemen.

Al vanaf de eerste voorbereidingsbriefing in februari viel mij op dat ik in een aanstekelijk enthousiaste en ervaren club terecht was gekomen. De meest ervaren loper liep in 2013 voor de tiende keer mee! Men had er duidelijk veel zin in en was ook enthousiast met ideeën om meer geld op te halen dan louter met de verplichte lotenverkoop. Ik moest ook twee boekjes van twintig loten verkopen. Gelukkig waren er veel mensen in mijn omgeving bereid loten te kopen, waardoor ik zelfs twaalf boekjes heb kunnen verkopen.

Op een zaterdag in april heb ik voor het eerst ervaren hoe een estafette-etappe van 80 km voelt. En dat is nog best pittig, mede omdat het een week na mijn marathon in Rotterdam was. Al liep ik tijdens deze trainingsdag dan eigenlijk maar twintig kilometer, bij ons team verdeeld over telkens twee kilometer, het was toch best pittig. Ik kreeg zo wel een goed idee van wat mij te wachten zou staan, als  ook van de organisatie in en om het team. Er zijn niet alleen acht lopers nodig, maar ook twee keer twee fietsers die de actieve loper telkens van voren en achteren begeleiden en ‘beschermen’. Er zijn chauffeurs en navigators van de twee lopersbusjes nodig, net als fysiotherapeuten, keukenmensen, chauffeurs van de begeleidende touringcar (voor het vooruit rijden van het niet-actieve team en materieel), algemene organisatoren en verzorgers. En zelf een mediaman. Ik ben blij dat ik zelf heb mogen lopen, maar petje af ook voor de niet-lopers. Die zijn erg noodzakelijk en ze hebben het ook zwaar, alleen al door het weinige slapen. Aan het eind van de trainingsdag had ik een voldaan gevoel en was ik vermoeider dan verwacht. Al was de eerste sportmassage die ik daarna in mijn leven heb mogen ontvangen erg prettig voor het herstel. De vermoeidheid kwam ook een beetje omdat ik me met een teammaat niet echt aan het advies van de ervaren personen hield om het rustig aan te doen. Waar ons teamgemiddelde op 13,1 km per uur uit zou moeten komen liepen wij regelmatig 15 plus. We realiseerden ons wel dat dat met vier van dergelijke etappes in de echte Roparun waarschijnlijk rustiger zou moeten.

Op de zaterdag voor Pinksteren was het dan zover. Met twee busjes en een touringcar vertrokken we vanaf de Luchtmacht-staf in Breda naar Duitsland. Ik zat in team 2, waardoor wij op ongeveer 80 km west van Hamburg ‘incheckten’ bij een gastvrije Duitse brandweerkazerne. Het advies was om daar lekker te gaan slapen. Ik heb het wel geprobeerd, maar het ging niet. Wij zouden beginnen met lopen om ongeveer 23.30 uur en dat is eigenlijk rondom mijn normale bedtijd. Later bleek bovendien dat team 1 in de eerste etappe voor op schema lag, waardoor we als team 2 ook eerder naar het wisselpunt gingen. Rond 23.00 uur kon ik daar eindelijk het spreekwoordelijke stokje overnemen van de laatste loper van team 1. Eindelijk mocht ik zelf rennen. Eindelijk deelnemen aan de Roparun. Ik was er zo klaar voor, en had er zoveel zin in. Mijn eerste ren voelde fantastisch.

 

Touringcar voor materieel en rusten.

Zo heeft mijn team twee nachtetappes van ongeveer 80 en 90 kilometer gerend. En twee overdag etappes. Vanaf de tweede etappe van mijn team, de vierde van ons hele team, kreeg ik langzaam last van mijn rechterknie. Ik herkende mijn lopersknie problemen die ik zo’n drie jaar niet meer had ervaren. Een collega loper kreeg bovendien dezelfde problemen. Gelukkig zat er altijd een fysiotherapeute in het lopersbusje. Dus met wat pijnstillers, sporttape en fysiotherapie hebben we het ook de volgende twee etappes nog volgehouden. Dat moest ook wel, want wisselen mag na de start niet meer. Je mag geen nieuwe loper aan het team toevoegen. En we hoorden ook al geluiden van pijntjes in team 1. Bovendien, het is een teamprestatie – je wilt je team niet in de steek laten.

Tussen de etappes door bivakkeerden we in diverse gastvrije brandweerkazernes in Duitsland en Nederland en bij een Duitse voetbalclub. Die stops aldaar hielden in: zo gauw mogelijk een sportmassage krijgen, tegen stijve spieren en pijntjes en preventief voor blessures. Dan douchen, eten, en proberen wat te slapen. Meestal amper een uurtje. Dan minimaal een uur voor de verwachte aflossingstijd van team 1 weer helemaal paraat zijn. Het waren eigenlijk altijd korte en hectische tussenstops. Maar ook erg gezellig. Daar leer je je teammaten, en de niet-lopers, nog beter kennen, net als de brandweermannen van de diverse brandweerkorpsen. Tijdens de loopetappes is het overigens ook erg gezellig in de lopersbusjes en tijdens het lopen met de begeleidende fietsers. Ik heb super veel lol ervaren tijdens en tussen het lopen door. Iedereen is bezig met teamwerk, niemand klaagt over onbelangrijke dingen. Echt fantastisch om te ervaren. Het komt wel wat overeen met oefeningen of uitzendingen bij Defensie. Iedereen zit dan in hetzelfde schuitje, loopt een stap harder dan normaal, en is er voor elkaar. De Roparun is een korte, leuke oefening.


Onderweg, begeleid door ‘mijn’ fietsers

 

 

Overgave aan teammaat.

Ondanks de pijntjes heeft ook team 1 het gered, hun vierde etappe zat er Pinkstermaandag vroeg op. Bij het AC-restaurant van Meerkerk nemen we het voor de laatste keer van van hen over. De laatste etappe voor ons is maar 66 kilometer, maar helaas mochten de niet-actieve lopers niet meer met een lopersbusje vervoerd worden. Die moesten nu de hele etappe meefietsen, zoals we her en der al voor enkele autoluwe kilometers ook hadden moeten doen. Dat maakte de laatste etappe extra zwaar, maar ook wel weer mooi en bijzonder. Net als team 1 geven wij tijdens deze etappe bovendien één van onze lopers tussendoor telkens een loop extra rust. Zijn wilskracht is sterk genoeg om het vol te houden tot aan de finish, maar zijn knie dwingt hem tot minder lopen in een lager tempo. Dat was aan het einde van de vorige etappe ook al zo, waardoor ik in zijn plaats de Grebbeberg op mag rennen. Zo helpen we elkaar, en ik vond de beklimming van de Grebbeberg leuk speciaal.

Team 1 op weg naar aflossing.

Vooraf hadden we ons ingeschreven op een gemiddelde van 13,1 km per uur. Na een paar etappes lagen we zelfs even rond de 13,8. Uiteindelijk zijn we echter met militaire precisie geëindigd op exact 13,10 kilometer per uur! Mede doordat ik na een pittige start van de laatste etappe mijn tweede adem vind, en zelfs tijdens deze etappes nog vaak ruim boven de 15 km/h weet te lopen. Zo rijg ik ook tijdens deze etappes nog wat scalps van andere teams aan mijn riem. Ik weet het, bij de Roparun gaat niet om het winnen, maar een doel aan de horizon helpt je gemotiveerd te houden. En mijn voorfietser was altijd bereid hieraan mee te werken door wat gas bij te geven. In deze laatste etappe ben ik toevallig ook de loper die langs de Daniel de Hoed-kliniek loopt. Een erg indrukwekkend moment. Daar liggen de mensen voor wie we ook lopen…

Maar er waren ook feestelijke momenten. Steeds meer dorpen en steden maken een feestelijke happening van de Roparun-doortocht. De zuidwesthoek van Brabant staat daar al jaren bekend om, maar nu kwamen we dit gelukkig ook op het Hamburg-Rotterdam parcours tegen. Soms staan er muziekbands, soms moet je over een podium lopen of bijvoorbeeld door de brandweerkazerne van Ede (dit korps had zelf ook een Roparun-team).

In de laatste kilometer, vlak voor de finish, worden wij nog ingehaald door het snelste team van deze Roparun. Zij wisselen op dat moment zo ongeveer om de honderd meter van voluit sprintende loper, waardoor hun snelheid echt enorm hoog blijft. Mooi om te zien.

Na de officiële tijd-finish, net voor de Erasmusbrug, mag ik namens ons team doorlopen naar de Coolsingel, waar we uiteindelijk op feestelijke muziek met het hele team finishen. We worden verwelkomd door rozenmeisjes en een enthousiaste Nelli Cooman! Daarvan is een video terug te vinden op YouTube:

(Ik ben de kale man met de gele schoenen, voor de kijkers net links van het spandoek).

 

Ik kan iedereen aanbevelen mee te doen. De ervaren lopers zeggen dat trainen tot een halve marathon volstaat voor deelname.

Op YouTube staat ook nog een mooie compilatie van de Roparun:

Al met al heeft deze Roparun ruim 5,5 miljoen euro opgehaald!

 

Bijzondere medaille.

En deze site heet natuurlijk mijnhardloopschoen: voor de liefhebbers, ik heb twee etappes op Saucony Virrata gelopen, en twee etappes op Saucony Kinvara 3. Ze zijn me allebei weer prima bevallen! Beide lekker licht, en toch genoeg demping. Ik had mijn Saucony Grid Type A5 ook bij me, maar die durf ik op deze lange afstanden (nog) niet aan.